EditieNº MMXXVI · 2026
Onafhankelijke uitgavemaandag 10 augustus 2026

Affiches van toen: art deco, pin-ups, reisreclame en de huiskamer van de jaren vijftig
Stijlen en tijdvakken

De pin-up: van kalenderplaat naar vliegtuigneus

Van Elvgren en Vargas tot de beschilderde neus van een B-29. Waar de pin-up vandaan komt, hoe het beeld werkte en wat er echt origineel aan is.

Nose art op een B-29 Superfortress met een pin-up figuur op een bom en de tekst 'Raz'n Hell'.
Foto: Alan Wilson from Stilton, Peterborough, Cambs, UK — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Het begon bij de kalender

De pin-up is geen kunststroming maar een drager. Amerikaanse bedrijven gaven aan het eind van het jaar een kalender weg aan klanten — de garage, de ijzerhandel, de graanhandelaar — en die kalender moest twaalf maanden aan de muur blijven hangen. Uitgever Brown & Bigelow uit Saint Paul maakte er miljoenen per jaar.

Gil Elvgren schilderde er vanaf 1944 ruim driehonderd voor, in olieverf, op groot formaat, met de grap altijd in hetzelfde stramien: een vrouw die net iets meemaakt — een hond die aan haar rok trekt, een windvlaag, een ladder — waardoor er meer been in beeld komt dan de bedoeling was.

Esquire en de Varga Girl

Naast de kalender was er het tijdschrift. Esquire drukte vanaf 1940 het werk van Alberto Vargas, die zijn signatuur op verzoek van de uitgever inkortte tot Varga. De platen zaten los in het blad, als uitneembare pagina en later als kalender.

George Petty deed hetzelfde met langgerekte figuren en een telefoonsnoer als vast rekwisiet. Dat die platen bedoeld waren om uit het blad te halen en op te prikken, zit letterlijk in het woord: to pin up.

Van tijdschrift naar vliegtuigneus

In de Tweede Wereldoorlog verhuisde het beeld naar de romp van bommenwerpers. De foto bij dit artikel laat zo'n stuk nose art zien: op een B-29 Superfortress zit een pin-upfiguur op een bom, met de naam Raz'n Hell ernaast.

Vrijwel al die schilderingen zijn overgetekend uit Esquire of van een kalenderblad, meestal door een monteur met een pot verf. Officieel was het niet toegestaan en in de praktijk keek iedereen weg, omdat het de bemanning aan hun eigen toestel bond. Na 1945 verdween het weer bijna helemaal — het hoorde bij dienstplichtlegers, niet bij beroepsluchtmachten.

Hoe het beeld nu aan de muur hangt

Een pin-up is reclame uit een tijd met andere verhoudingen, en dat verdwijnt niet doordat het vijftig jaar oud is. Het beeld is bijna altijd gemaakt door mannen voor een mannelijk publiek, en de grap gaat er telkens over dat de vrouw het zelf niet doorheeft.

Dat maakt het niet onophangbaar — het maakt wel uit waar het hangt en wat eromheen staat. In een reeks met een oorlogsaffiche, een oude kalenderplaat en een stuk typografie leest het als tijdsbeeld. Alleen boven de bank leest het als iets anders.

Wat u koopt als u een pin-up koopt

Origineel materiaal uit de periode is meestal een kalenderblad of een tijdschriftpagina, geen affiche. Formaat is dan de eerste controle: een Esquire-plaat is ongeveer 20 bij 30 centimeter en heeft aan één zijde nietgaatjes of een snijrand.

Alles wat op posterformaat wordt aangeboden met scherp wit papier en verzadigde kleuren is een moderne druk. Daar is niets mis mee, maar het is beeld en geen document, en dat scheelt in de prijs een factor tien tot honderd.

Veelgestelde vragen

Wat is nose art precies?
De beschildering op de neus of romp van een militair vliegtuig, met een naam en meestal een figuur. In de Tweede Wereldoorlog was dat vaak een pin-up, overgetekend uit een tijdschrift of van een kalender.
Wie waren de bekendste pin-uptekenaars?
Gil Elvgren, Alberto Vargas en George Petty in de Verenigde Staten; in Europa zijn de namen minder bekend omdat de kalendermarkt daar veel kleiner was.
Zijn originele Elvgren-kalenders nog te vinden?
Losse kalenderbladen wel, compleet met kop en maandtabel; die zijn betaalbaar. De originele olieverfschilderijen waar ze naar gedrukt zijn, gaan op veilingen voor tienduizenden euro's.