EditieNº MMXXVI · 2026
Onafhankelijke uitgavemaandag 10 augustus 2026

Affiches van toen: art deco, pin-ups, reisreclame en de huiskamer van de jaren vijftig
Thema's op de muur

Reisposters: spoorwegen, oceaanstomers en de vroege luchtvaart

Waarom vervoerders de mooiste affiches lieten maken, van de London Underground tot de Normandie, en waar u op let bij het kopen van een reisposter.

De boeg van het passagiersschip Arcadia afgemeerd aan de kade, met rokende schoorsteen en gehesen vlaggen.
Foto: Nodigital — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

De vervoerder als opdrachtgever

Reisposters zijn niet mooi omdat reizen mooi is, maar omdat de opdrachtgevers rijk waren en concurrentie hadden. Een spoorwegmaatschappij verkocht geen product dat u kon zien liggen; ze verkocht een bestemming, en dus moest die bestemming worden getekend.

De Britse ondergrondse ging daarin het verst. Frank Pick, vanaf 1908 verantwoordelijk voor de reclame, gaf opdrachten aan kunstenaars in plaats van aan reclametekenaars, en hield vast aan één huisstijl voor letters, kaart en logo. Het resultaat is een reeks affiches die nu in musea hangt.

Stoomschepen en het lage standpunt

De rederijen deden het met formaat. Een oceaanstomer op een affiche is bijna nooit van opzij afgebeeld maar van schuin onder, zodat de boeg als een gebouw boven u uit komt en de mensen op de kade als stipjes te zien zijn.

Het beroemdste voorbeeld is het Normandie-affiche van Cassandre uit 1935. Het schip vult het hele vel, de zee is een dun streepje onderaan, en er staat verder niets op dan de scheepsnaam. Dat is het art deco-recept in zijn zuiverste vorm.

De foto hierboven laat zien waar dat vandaan komt: de boeg van het passagiersschip Arcadia aan de kade, met rokende schoorsteen en gehesen vlaggen. Ga er in gedachten een paar meter dichterbij staan en u heeft de compositie van een affiche uit 1935 te pakken.

De vroege luchtvaart verkocht comfort, geen snelheid

Bij de eerste luchtvaartaffiches valt op hoe weinig er over snelheid wordt gezegd. Vliegen was duur, luidruchtig en eng, dus de affiches lieten een rustige cabine zien, een steward met een dienblad, of alleen een silhouet boven een landschap.

Pas na de oorlog, als het toestel massavervoer wordt, verschijnt het bekende beeld van de straalvliegtuigneus tegen een strakblauwe lucht. Wie een reeks luchtvaartaffiches naast elkaar hangt, ziet die omslag binnen tien jaar gebeuren.

Nederlandse en Belgische affiches

Ook dichter bij huis werd goed werk gemaakt: affiches voor de Nederlandse spoorwegen, voor badplaatsen aan de kust en voor de veerdiensten naar Engeland. Ze zijn minder bekend en daardoor vaak betaalbaarder dan Franse of Zwitserse voorbeelden uit dezelfde jaren.

Kijk daarbij naar de drukkersnaam onderaan het vel. Die staat er bij originelen bijna altijd op, in kleine letters, samen met de plaatsnaam van de drukkerij — en juist dat regeltje wordt bij moderne herdrukken vaak weggelaten of onleesbaar meegeschaald.

Waar u op let bij aankoop

Formaat eerst: de meeste Europese reisaffiches zijn ongeveer 62 bij 100 centimeter, of het dubbele daarvan. Wijkt de maat sterk af, dan is het een verkleining.

Kijk daarna naar de vouwen. Affiches werden in vieren of achten gevouwen verstuurd naar stations en reisbureaus, dus vouwlijnen zijn geen gebrek maar vaak een aanwijzing dat u met een echt exemplaar te maken heeft. En let op het papier: houthoudend, iets grauw, met een matte inkt die in het papier is getrokken in plaats van erop te liggen.

Veelgestelde vragen

Waarom zijn Zwitserse reisaffiches zo gewild?
Zwitserland had vroeg een systeem waarin toerismebureaus samen opdrachten gaven aan goede ontwerpers, en de drukkwaliteit lag hoog. Bovendien zijn er relatief veel exemplaren bewaard gebleven, waardoor er een levendige markt is.
Zijn vouwen in een oude poster erg?
Voor de waarde tellen scheuren en gaten zwaarder dan vouwen. Bij affiches die van origine gevouwen werden verstuurd, worden vouwlijnen geaccepteerd; ze verdwijnen grotendeels als het vel op linnen wordt gedoubleerd.
Wat kost een originele reisposter?
Van enkele tientjes voor een onbekende bestemming van na 1960 tot vijfcijferige bedragen voor een topstuk van Cassandre. Naam van de ontwerper, bestemming en staat bepalen samen vrijwel de hele prijs.